Schoolleiders houd de avond van 17 september vrij!
printable version

Op 17 september organiseer ik samen met Louis Steeman een speciale avond voor schoolleiders.

Houd de datum dus alvast vrij!

 

Count of comments: 0
Posted on 23 Apr 2015 by SandraV
Stagiaires
printable version

Stagiaires

 

Meelopen

Ze wil lerares worden. Ze is geïnspireerd geraakt om dit beroep te kiezen. Ze heeft een opleiding gekozen. Op een dag gaat ze naar een middelbare school om stage te lopen. Om nu, nog kort na haar eigen tijd als leerling, voor het eerst aan de andere kant mee te lopen, die van de leraar.

“Een van de onderdelen is”, zo vertelt ze, “om een dag mee te lopen met een klas. Een hele dag, alle lesuren”. Haar ervaring op die dag brengt haar op maar één reactie: wat saai! Het is zo ongelofelijk saai. Waarom? Omdat het overal hetzelfde is. Je komt binnen, je gaat zitten, de leraar legt iets uit, daarbij moet je luisteren en meeschrijven. Dan mag je zelf gaan werken uit het boek. Jou wordt zelden iets gevraagd. Er is vooral sprake van zenden door de leraar. Er is niet veel samenhang tussen de lessen onderling. Behalve de aanpak. “Bij het derde uur zat ik al te knikkebollen”, vertelt ze. “Er was een talendocent die de hele les een boek voorlas. Het enige dat de leerlingen mochten doen, was meelezen. Na een half uur begon een van de leerling wat te fluisteren met zijn buurman. Na een half uur, dat vond ik al lang. De docent werd kwaad en de leerling kreeg straf”.

Een andere stagiaire kreeg de opdracht mee om vooral te letten op de samenhang tussen het gedrag van de docent en dat van de leerling. Hem viel vooral op dat er zoveel verschil is in het gedrag van bepaalde leerlingen in de verschillende lessen. En dat dit heel veel te maken heeft met het gedrag van de leraar. “Sommige leraren wakkeren door hun eigen reactie het wangedrag van leerlingen aan”, zo stelt hij. En anderen slagen erin de meest moeilijk leerlingen rustig mee te laten doen. Wisselen docenten daar wel eens iets over uit? Over een concrete aanpak? Denken docenten veel na over de manier waarop hun eigen gedrag invloed heeft op dat van de leerling?

Leren

Stage lopen en later ook LIO zijn, zou moeten bijdragen aan de vakkundigheid van de leraar die nog helemaal aan zijn of haar werkende leven gaat beginnen. Aan het werkende leven van deze docenten in spé die nog honderden leerlingen gaan begeleiden naar het leven waarin zij op hun beurt weer een bijdrage aan de maatschappij gaan leveren. De maatschappij die snel verandert en over een tijd heel andere dingen van ons zal vragen dan nu.

Bij lerarenopleidingen wordt hard nagedacht over de manier waarop deze lerarenopleidingen vorm moeten krijgen. De leraren die momenteel van de opleidingen komen, zowel in het PO als het VO, krijgen meer en meer nieuwe manieren van aanpak mee. Na hun opleiding krijgen ze als ze geluk hebben een baan bij een leuke school. Ze komen in de meeste gevallen dan terecht in een school waar gewerkt wordt met secties of vakgroepen. Daar komen ze onder in de pikorde. Weinig oudere docenten zijn daadwerkelijk en oprecht geïnteresseerd in bijvoorbeeld nieuwe werkvormen die jonge mensen meebrengen. Ideeën die te maken heb ben met ICT, waar jonge docenten doorgaans (niet altijd) beter in zijn dan de ouderen, worden van tafel geveegd. Als de school krimpt, moeten deze jonge leraren het eerst weg. Ik zie scholen zich in allerlei bochten wringen om deze jonge docenten binnen te houden tot over een jaar een ouder iemand met pensioen zal gaan.

Diversiteit

Jonge mensen zoals stagiaires, LIO’s of jonge docenten verdienen wat mij betreft een andere rol. In ieder geval een gelijkwaardige. Het mooie van de verschillende leeftijden in een school is nu juist de diversiteit! De ouderen hebben veel ervaring en veel meegemaakt. Daar kunnen de jongeren hun voordeel mee doen. De jongeren hebben die ervaring nog niet, maar zij kijken er op een bepaalde manier nog fris tegenaan en hebben mogelijk een hele nieuwe aanpak waar ouderen weer iets van kunnen leren.

Idee

Idee: organiseer een studiedag met daarin ruimte voor zowel oud als jong. Ouderen kunnen daarin vertellen over wat hun ervaring hen gebracht heeft, over hetgeen zij vakmatig vooral willen overbrengen, waar hun passie vooral ligt, en wat zij de jongeren zouden willen meegeven, met daarin veel ruimte voor vernieuwende ideeën. De jongeren kunnen dan iets laten zien over hun ideeën voor vernieuwend onderwijs, over hun ervaring met andere werkvormen, met computerprogramma’s en zo voort.

Een volgende mogelijkheid is dan om ook de leerlingen een rol te geven. In plaats van tijdens een studiedag de lessen te laten uitvallen, zou je de leerlingen een hele dag kunnen laten nadenken over wat voor onderwijs, en op welke manier ze zouden willen leren. Dat kun je in de vorm van een goed voorbereide challenge doen bijvoorbeeld.

Aan het eind van de dag mogen ze dat presenteren. Met presentaties, blogs, filmpjes, liedjes. Het mooist zou dan zijn dat daar en concreet vervolg op komt waarbij men alle besproken lijn van die dag laat samenkomen.

Wat zouden de stagiaires in dat geval na verloop van tijd meemaken als ze op een school komen?

 

Count of comments: 0
Posted on 19 Apr 2015 by SandraV
Driehoektraining, in samenwerking met anderen!
printable version

 

 

Count of comments: 0
Posted on 11 Apr 2015 by SandraV
Flipping the meeting
printable version

Vergaderingen

Het is al lang geleden dat ik tijdens een sectievergadering die lang en saai was besloot om ofwel te vertrekken (maar dat kon niet echt) ofwel er iets van te maken. Ik besefte plotseling dat ik de tijd daar sowieso zou doorbrengen en dat ik er maar beter iets van kon maken. En dat het bovendien ook tot mijn eigen verantwoordelijkheid behoorde om de vergadering tot iets te boeiends en nuttigs te maken.

Wanneer en hoe vaak vergaderen jullie op school ? Met welk doel? Hoe verlopen de vergaderingen bij jullie ? Wie maakt de agenda? Wordt er nagedacht over de volgorde en/of belangrijkheid van de agendapunten? Hebben alle deelnemers invloed op de agenda en maken ze daar ook gebruik van? Gaat het tijdens vergaderingen ook wel eens over dingen die al per mail aan iedereen verzonden zijn en die iedereen derhalve al gelezen heeft? Of niet gelezen heeft? Houden jullie je aan de agenda? Zitten mensen iets anders te doen tijdens vergaderingen? Zijn steeds dezelfde mensen aan het woord? Zijn er ook mensen die nooit iets zeggen? Hoe zou jij willen dat de vergaderingen verliepen? Wanneer zou een vergadering voor jou een inspirerende gebeurtenis worden?

Flipping the classroom

Iedereen is intussen wel bekend met het concept flipping the classroom. Leerlingen en studenten kunnen thuis een filmpje met uitleg bekijken en daardoor is er tijdens de les tijd voor andere manieren om met die stof om te gaan. Dat bevordert het generatieve leren. Niet dat het al echt op veel plaatsen gebeurt, leren flipping the classroom style. Een aantal docenten denkt, m.i. ten onrechte, dat flipping the classroom uitsluitend bedoeld is om het onderwijs leuk te maken. Het gaat echter veel verder. 
Het gaat erom het onderwijs op het leren van de leerling af te stemmen, in plaats van op het doceren van de docent. Zoals Gert Biesta in Trouw van 9 april liet noteren: Leren is echt wat anders dan onderwijs krijgen. 
Maar ook veel kleinere interventies in de klas maken een les inspirerender, aldus leerlingen. Bijvoorbeeld wanneer van hen gevraagd wordt antwoorden te zoeken op vragen over een bepaald thema. Wanneer het om het leren van de leerling gaat in plaats van het doceren door de docent.

Flipping the meeting

Een jonge docent die ik regelmatig spreek, stelde - mijns inziens zeer terecht- voor om ook de vergaderingen van docenten vanuit het idee van flipping the classroom te benaderen. En dat noemen we dan, zei hij, flipping the meeting
Een voorbeeld, door ondergetekende bedacht: Stel dat de teamleider op de agenda heeft gezet dat het onderwerp teamontwikkeling aandacht verdient. Dan zou hij de teamleden kunnen uitnodigen om daar zelf een filmpje over te maken. Of zij kunnen een inspirerend filmpje van YouTube uploaden in een virtuele ontmoetingsruimte.  Wanneer de teamleden deze filmpjes thuis bekijken kan het onderwerp tijdens de bijeenkomst alle aandacht krijgen door daar daadwerkelijk met collega’s in gesprek te gaan rondom het thema, onder meer aan de hand van inspiratie opgedaan uit de filmpjes.

Een ander voorbeeld: op veel scholen werkt men met laptops. Dit is voor veel scholen nog relatief nieuw en er wordt gezocht naar goede manieren om de laptop een plaats te geven in het leren van de leerlingen. Sommige docenten vinden het geweldig om allerlei toepassingen te bedenken en lessen te ontwikkelen. Voor anderen is dat lastiger. Ik kan me voorstellen dat je de goede voorbeelden via filmpjes laat zien. Ook al omdat je filmpjes zo vaak kunt bekijken als je wilt. Tijdens bijeenkomsten kunnen vragen gesteld worden en kunnen mensen op weg geholpen worden om het zelf ook eens te proberen.

Een ander idee is dat docenten voorbeelden uit hun eigen klas kunnen opnemen en laten zien aan de collega’s. Bijvoorbeeld over werkvormen die ze gebruiken, of anderszins.

Metacommunicatie

Metacommunicatie, het benoemen van de manier waarop men met elkaar communiceert, met de bedoeling om meer helderheid te krijgen over het proces, kan een belangrijke bijdrage leveren aan het verloop van een vergadering. Te vaak gaat het uitsluitend over de inhoud. Degene die voorzit zou bijvoorbeeld kunnen opmerken: Tot nu toe zijn alleen Jan en Marieke aan het woord geweest, ik ben ook benieuwd naar de reactie van de anderen.

Vergaderinformatie online

Tijd die normaalgesproken tijdens vergaderingen gebruikt wordt voor dingen die iedereen al heeft kunnen lezen kan worden vrijgemaakt door alle te lezen documenten online te zetten en eveneens online het commentaar te vragen van de collega’s. De dingen waar iedereen van zegt dat ze het er mee eens zijn hoeven niet meer besproken te worden. Extra informatie die nodig is kan ook online verstrekt worden. En zo voort. Het voorkomt nodeloos gepraat tijdens de vergadering, die dan weer voor andere gesprekken gebruikt kan worden.

Soms verlopen vergaderingen al jaren op dezelfde manier en inspireren niet meer, of hebben dat nog nooit gedaan. Op die manier gaat er veel energie verloren. Die energie behouden, in plaats van te verliezen, door de vergaderingen helemaal opnieuw vorm te geven, kan nieuwe inspiratie geven.

Zet de volgende keer de vergadering zelf eens als agendapunt op de agenda: Hoe maken we onze vergaderingen inspirerender en productiever? 

 

Count of comments: 0
Posted on 11 Apr 2015 by SandraV
Soft is een harde noot om te kraken
printable version

Een aantal keren per jaar rijd ik met veel plezier naar Driebergen om naar een lezing te luisteren bij Nivoz. 
Op 11 maart jongstleden sprak Anne Speckens, hoogleraar psychiatrie aan de Radbouduniversiteit in Nijmegen. Het onderwerp van haar voordracht was

Mindfulness, de toepassing en mogelijke betekenis voor het basis- en voortgezet onderwijs.

De zaal was tot de laatste stoel bezet. In een wervelend betoog vertelde Anne Speckens, een levendige vrouw, expressief gezicht, kort geknipt haar, over de manier waarop zij ertoe gekomen is om mindfulness op te nemen in het onderzoeksprogramma van de universiteit . En ze verhaalde over hoe mindfulness een steeds grotere plaats inneemt in de opleiding van artsen en studenten geneeskunde, mensen met wie zij werkt.
Ze nodigde de zaal uit om deel te nemen aan een oefening van een paar minuten, om daarmee ook zelf kennis te maken een van de manieren van werken rondom mindfulness. En zo werden we met z’n driehonderden muisstil en volgde de aanwijzingen.
Vervolgens kwam Anne Speckens ook op onderwijs. Hoe kan mindfulness werken voor onderwijs? Wat kan de bijdrage zijn? In ieder geval ligt binnen het onderwijs de nadruk op iets anders dan binnen de geneeskunde, maar de kern van mindfulness is in beide gevallen dezelfde. 

Mindfulness

Wat is mindfulness? Het begrip is geïntroduceerd door Jon Kabat Zinn. Hij omschrijft mindfulness als bewuste aandacht. Deelnemers aan de post-academische opleiding mindfulnesstrainer van de Radbouduniversiteit, in het leven geroepen door Anne Speckens, worden getraind in het waarnemen en beschrijven van gedachten en gevoelens zonder er meteen een betekenis of oordeel aan te verbinden. Daardoor worden ze zich bewuster van zichzelf en hun omgeving en creëren daarmee rust voor zichzelf. Je doet de dingen die je doet met aandacht en door dat te doen leef je zoals dat heet, in het hier en nu. 
Het woord mindfulness roept her en der nogal wat weerstand op. Het wordt snel gelabeld als soft of zweverig. Paradoxaal genoeg is degene die gericht met mindfulness bezig is doorgaans het minst zweverig, omdat hij ernaar streeft heel bewust en oordeelsvrij in een situatie aanwezig te zijn, terwijl anderen bijvoorbeeld zitten te denken aan gisteren of morgen, of slecht luisteren omdat ze in hun eigen gedachtewereld zitten. 
Jon Kabat Zinn benadrukt iedere keer weer dat mindfulness een manier van leven is en geen techniek. Het zal alleen effect hebben als je er op die manier naar kijkt.

Onderwijs

Volgens de Britse mindfulnesspionier Mark Williams wordt aandachtstraining binnen een jaar of tien universeel gezien als gezond voor iedereen. Het zal zo gewoon worden als de slogan: eet twee stuks fruit per dag. Hij werd op zaterdag 14 maart 2015 aangehaald in een groot artikel over mindfulness in de bijlage van de Volkskrant. 
Williams pleit ervoor het mindfulnessprogramma onderdeel te maken van het lesprogramma op scholen. Ik herinner me dat ik jaren geleden, we spreken jaren tachtig, met enkele van mijn klassen iets dergelijks deed, hoewel ik toen nog nooit van de term mindfulness gehoord had. Bij een bepaalde klas deden meerdere collega’s mee. Wat deden we? We vroegen de leerlingen aan het begin van de les, nadat ze rumoerig waren binnengekomen, om gewoon even helemaal stil te zijn en op hun adem te letten. Een minuut of drie, vier. Ze hadden de vrijheid om niet mee te doen als ze niet wilden, maar we vroegen iedereen om elkaar niet te storen. Na verloop van tijd begonnen leerlingen er om te vragen, de lessen werden rustiger, we deden meer en de resultaten werden beter. Ik ben benieuwd of een van mijn oud-leerlingen dit leest en zich dit herinnert. Als dat zo is, wil je dat dan laten weten?
Mindfulness is dus bewuste aandacht. Zo oordeelsvrij mogelijk heel bewust in de klas bezig zijn. Niet bezig met gisteren of morgen of vanavond. Belangrijk element bij het pedagogisch handelen, waar relaties een belangrijk onderdeel van zijn. Relaties tussen leraar en leerling, maar ook van de leraar met zichzelf en van de leerling met zichzelf en elkaar. Voor een lessituatie kan het bijvoorbeeld betekenen dat je ziet dat je in het reageren op een bepaalde leerling in een steeds terugkerend patroon terecht bent gekomen. Of dat je iemand met slecht gekozen woorden terecht wijst. Bovendien kan mindfulness ervoor zorgen dat je op tijd onderkent wanneer je jezelf in een spiraal naar beneden aan het denken bent. Maar ook het tegenovergestelde kan gebeuren. Dat opeens tot je doordringt hoe veel mooie dingen je op een dag meemaakt.

Soft is een harde noot om te kraken

Hoewel het begrip mindfulness steeds meer aan invloed wint, is het voor veel mensen nog te vaag. Mij valt op dat erin veel gevallen een oordeel geveld wordt zonder dat men de moeite genomen heeft zich er eerst eens grondig in te verdiepen. Dat is jammer, omdat het nu juist, ik schrijf het hier nog maar eens, iets heel concreets is. Het nadenken over en bespreken van dingen die met je eigen bewustzijn en ontwikkeling als docent te maken hebben zijn nog geen gemeengoed in het onderwijs. En dat zijn nu juist dingen die heel veel te maken hebben met goed leraarschap. 
In zijn reflectie aan het eind van de lezing van Anne Speckens zei Luc Stevens, grondlegger van Nivoz en toch waarachtig niet de eerste de beste, het als volgt:
In het hier en nu aanwezig zijn met aandacht is de grootste voorwaarde om te onderwijzen en te leren. En hij zei: praten over wat algemeen als soft wordt ervaren is in het onderwijs de hardste noot om te kraken. 
Ik onderschrijf deze constatering volmondig.

Count of comments: 0
Posted on 16 Mar 2015 by SandraV
Leraren
printable version

We kennen allemaal, niemand uitgezonderd, mensen die leraar zijn. We hebben allemaal met hen te maken, of tenminste te maken gehad. We weten allemaal uit eigen ervaring hoe verschillend zij kunnen zijn. Daarom is het ook lastig om de beroepsgroep als geheel te beschrijven. Alsof het om inwisselbare soortgenoten gaat. In allerlei zinnen in uiteenlopende artikelen en andere geschriften kom ik dat woord tegen. Wie bedoelt de schrijver van een stuk die het woord leraren gebruikt? Afgelopen zaterdag bijvoorbeeld weer in de Volkskrant: Leraren werden de sukkels van de werkvloer.

Schrijvers of schrijfsters van stukken als deze bedoelen leden van de beroepsgroep van mensen die voor de klas staan. DE leraar is evenals de leerling uit een van mijn vorige blogs een archetype. Dat betekent dat we ook hier een grote verscheidenheid van mensen, hun persoonlijkheid en hun aanpak tegenkomen. Iedereen van boven de dertig herinnert zich de ex-leraar Duits O. den Besten, zo prachtig neergezet door Wim de Bie in Koot en Bie. Hoewel ik jaren docente Duits was, herken ik mij niet in deze docent. Toevallig was hij zondagavond nog eens op tv.

Verschillen

Ook van de leraar kun je zeggen dat het op de eerste plaats een mens is. Een mens met zijn eigen achtergrond. Jong, net begonnen, of al wat ouder en al tientallen jaren ervaring in de benen en krijt aan de vingers, ondanks het nieuwe digibord. Mogelijk is het een leraar die net vader geworden is en s nachts vaak wakker wordt van een huilende baby. Misschien is het iemand die elke week een middag voor zijn oude moeder zorgt of met haar gaat winkelen. Misschien is het iemand die in de avonduren een studie volgt om zichzelf te ontwikkelen. Of iemand die juist gehoord heeft dat zijn oudste kind ernstig ziek is. De lerares die nadenkt over de vraag of ze zal solliciteren op een andere school dichter bij huis. De leraar bij wie het water aan de lippen staat, omdat hij een ander huis gekocht heeft en het oude niet verkocht krijgt. De jonge docent bij wie het niet loopt in de klas en die dat niet durft te melden, omdat ogenschijnlijk bij iedereen alles goed gaat, behalve bij hem. Een lerares die net ruzie had met haar man, een leraar die net iemand ten huwelijk gevraagd heeft.

Cultuur

Neem een willekeurige school. Je treft daar mensen aan zoals hierboven beschreven. We weten niet altijd van elkaar welke zaken een rol spelen in ons leven. Veel van de dingen die ons werkelijk bezighouden bespreken we niet met elkaar op school. Noch wat het ons professionele leven, noch waar het ons persoonlijke leven betreft. Uitzonderingen daargelaten, maar het is op de meeste plaatsen geen cultuur. Ik schreef daar al vaker over. Op veel scholen leven mensen voor een groot deel langs elkaar heen. Dat is mijns inziens een van de redenen waarom veranderingen lastig door te voeren zijn. Er is (te) weinig vertrouwen omdat men elkaar onvoldoende kent, ondanks de vertrouwde grappen aan de koffietafel. men is bekend met elkaar, maar kent elkaar onvoldoende.

Leraren

Als dan, bijvoorbeeld in krantenartikelen zoals zaterdagmorgen in de Volkskrant, leraren omschreven worden als een compacte club van hetzelfde archetype, en als dat dan op een negatieve manier gebeurt: Leraren de sukkels van de werkvloer, dan raakt mij dat. Leraren zijn geen sukkels en zeker niet allemaal, alsof er geen verschillen bestaan. Het lijkt me vervelend wanneer je als leraar in artikelen en op andere plaatsen voortdurend wordt omschreven alsof je een van velen van dezelfde exotische soort bent , de leraar, en daarmee verantwoordelijk gemaakt wordt voor dingen die collega’s op andere scholen doen of nalaten.

DE leraar bestaat niet. We moeten er dus mee ophouden net te doen alsof dat wel zo is. Er zijn leraren die al jaren in het vak zitten en hun eigen inhoudelijke vak het belangrijkst vinden binnen hun hele werk. Ze zijn historicus, of fysicus, of ze hebben een ander vak gestudeerd. Dat is waar het hen om gaat, om het vak. En ze hebben al dertig jaar ervaring, dus hen vertel je niets. Hun dertig jaar ervaring geeft hen iets ongenaakbaars. Als jonge docent is het niet altijd makkelijk om een idee aan hen voor te leggen, en zeker niet om hen mee te krijgen. 
Dan zijn er docenten voor wie de leerling belangrijker is dan het vak. Zijn blik is op de eerste plaats op de pedagogische kant van het lesgeven gericht. Hij leest daar veel over en begeeft zich op sites waarop hij artikelen daarover kan vinden. Af en toe bezoekt hij een lezing. Sommigen combineren deze beiden.
Je hebt ook docenten die energie voor twee lijken te hebben en voor alles te vinden zijn. Zitting nemen in de MR, mee op buitenlandse reizen, een rommelmarkt organiseren. Zij worden daarom ook veelvuldig gevraagd. Zij klagen nooit over de tijd die het kost of ergens te weinig uren voor krijgen. Soms worden ze daarom al te veelvuldig uitgenodigd. Hij doet toch wel mee. 
Ook zijn er de pioniers. Zij zijn altijd bezig met andere werkvormen uitproberen, nieuwe computerprogramma’s inzetten, soms collega’s van andere scholen bezoeken om met hen over onderwijsvernieuwing te spreken. 
Op iedere school zien we de jonge docenten die voor het eerste of tweede jaar lesgeven en op de school werken. Zij worden in toenemende mate goed begeleid, maar lang niet altijd serieus genomen door oudere collega’s. Gelukkig zijn nogal wat schoolleiders bewust bezig de interne pikorde te doorbreken door de jonge collega’s een andere rol te geven dan ze altijd gehad hebben. Ze nodigen hen uit in werkgroepen, geven hen de gelegenheid conferenties organiseren en zo voort. 
En er zijn allerlei tussenvormen van deze onvolledige lijst met voorbeelden.

Maar één ding is zeker. In onze scholen is een enorm reservoir aan kennis, kunde en liefde voor de leerlingen en het vak aanwezig. Een ongekende oceaan aan mogelijkheden om onze leerlingen de wereld in te brengen. En er bestaat zeker niet zoiets als De Leraren die allemaal hetzelfde zijn, of doen, of denken. Dat brengt ook het nadeel met zich mee dat het soms meer op een moeras met allerlei kleine vijvertjes lijkt dan op een oceaan. Omdat er veel te weinig werkelijk verbinding is. Tussen de mensen onderling, tussen hoofd, hart en handen van veel individuele docenten, tussen vakgroepen, mensen in teams, tussen leiding en leraren en tussen leraren en leerlingen.

Hoe anders?

Om als leraren goede gesprekspartner te zijn van de schoolleiding en ook van de media, die iets schrijven over de beroepsgroep zonder dat deze werkelijk met een reactie komt, is het nodig een eenheid in verscheidenheid te worden, in plaats van een moeras met vijvertjes. Ik herhaal mijn pleidooi voor meer openheid in de onderlinge verhoudingen op scholen. Zeg wat je ergens van vindt, geef wat vaker een compliment aan iemand die iets goeds doet, spreek een collega aan als hij volgens jou iets erg goed gedaan heeft of ergens in gebreke gebleven is. Denk na over je eigen visie en aanpak en bevraag die. Waarom vind ik dat? Hoe wil ik het aanpakken? Hoe wil ik dit met mijn collega’s bespreken? Pak teamvergaderingen eens heel anders aan. Denk na over de agenda, zet er eens wat ongewoons op en besteed evenveel aandacht aan de manier waarop je de dingen bespreekt als aan de inhoudelijk punten van de agenda. En stel vragen stel vragen stel vragen. Luister naar de antwoorden om te begrijpen, niet om zo snel mogelijk met je antwoord te komen. Zie ook daar dat de verscheidenheid een school meer maakt dan de som der delen. 

 

 Volkskrant 6 maart 2015

Count of comments: 0
Posted on 13 Mar 2015 by SandraV

<< Previous 1 2 3 4 Next >>

Powered by CuteNews